Caring Vets komt op voor het welzijn van dieren. Hoewel veel dierenartsen de belangen van dieren meewegen in hun handelen, onderscheidt Caring Vets zich door actief voor het welzijn van dieren op te komen.

CV doet dit door in de media deel te nemen aan het discours over dierenwelzijn en daarbij het welzijn van dieren voorop te stellen. Daarnaast accepteert zij de omgang met dieren binnen de gangbare landbouwpraktijk niet, maar pleit voor de rechten van landbouwhuisdieren op een waardevol bestaan, én neemt als advocaat van het dier de specifieke verantwoordelijkheid om een beter leven voor hen te bevechten.

Voor landbouwhuisdieren (of de ongewenste maar veelzeggende term productiedieren) zijn uitgangspunten van Caring Vets:

  1. De huidige intensieve veehouderij is onhoudbaar.
  2. Elk landbouwhuisdier heeft het recht een leven te leiden dat past bij zijn natuurlijke behoeftes.
  3. Bij transport en dood van een landbouwhuisdier wordt het lijden voor het dier tot het uiterste beperkt (binnen de op dat moment beschikbare beste mogelijkheden om het welzijn te borgen).

 

Ad 1. De huidige intensieve veehouderij is onhoudbaar.

De urgentie van klimaatverandering, milieuproblemen en bevolkingstoename vereist de transitie van dierlijke naar plantaardige voeding. Er zal nog een rol zijn voor de veehouderij (veel kleiner dan nu), natuur-inclusief, circulair, zonder pesticiden, zonder roofbouw elders in de wereld, maar met natuur- en landschapsbeheer en behoud van de biodiversiteit. De goede voorbeelden zijn er al. Een sterke vermindering van het aantal landbouwhuisdieren in Nederland is een eerste vereiste. Caring Vets pleit voor versneld afbouwen van de intensieve veehouderij van runderen, varkens, geiten, konijnen, pluimvee, vissen en overige dieren. Alleen een duurzame veehouderij waar de dieren een waardevol leven leiden is acceptabel. Die transitie kan worden uitgevoerd door:

-géén nieuwe vergunningen voor intensieve veehouderijen te verlenen.

-het faciliteren van veehouders die om willen schakelen naar een bedrijf waarbij een goed dierenleven, duurzame productie en landschapsbeheer leidend zijn.

-alle kosten van dierlijke producten, ook de ecologische kosten hier en elders in de wereld, moeten mee gerekend en betaald worden. Een veehouder moet een reëel inkomen kunnen verwerven als hij aan alle productievoorwaarden voldoet, (dierlijk) voedsel wordt dan ook duurder.

Caring Vets  vraagt politiek, overheid, agrarische sector, onderwijs en wetenschap om op korte termijn richtinggevend beleid op te stellen. De realisatie zal uiteraard meer tijd vergen. De individuele dierenarts in de intensieve veehouderij werkt aan verbeteringen van het dierenwelzijn binnen dit systeem. Hierbij zijn noodzakelijke duurzame veranderingen op systeemniveau belangrijker dan mee te gaan in de weg van steeds verdergaande productieverhoging en kostenverlaging.

 

Ad 2. elk landbouwhuisdier heeft het recht een leven te leiden dat past bij zijn natuurlijke behoeftes.

Caring Vets vindt dat elk dier recht heeft op een leven, aangepast aan zijn natuurlijke behoeftes. De vijf vrijheden van Brambell vormen hierbij de minimale eis. Naast de afwezigheid van slecht welzijn moet er meer aandacht zijn voor het recht van het dier op het hebben van positief welzijn, zoals plezier, tevredenheid, affectie en euforie, zoals door dierenwelzijnswetenschappers steeds vaker benadrukt wordt.

 De eigen intrinsieke waarde van dieren dient erkend én gerespecteerd te worden. De zogenaamde ‘nutsingrepen’ zijn niet nodig wanneer dieren gehouden worden volgens hun soortspecifieke behoeften. Het huidige systeem leidt er toe dat bepaalde dieren helemaal geen rechten hebben, zoals haantjes van legkippen of (te kleine) bokjes en stiertjes, die op jonge leeftijd sterven door doding of onthouden van de nodige zorg. Dat is respectloos en onacceptabel.

 

Ad 3. Bij het transport en de dood van een landbouwhuisdier wordt het lijden voor het dier tot het uiterste beperkt (binnen de op dat moment beschikbare beste mogelijkheden om het welzijn te borgen).

Dit houdt in dat bij het vangen en laden van een dier rekening wordt gehouden met de behoeftes en instincten van het dier. De duur van het transport is zo kort mogelijk, naar het dichtstbijzijnde slachthuis. Stress en ongerief worden tot een minimum teruggebracht, rekening houdend met onder andere de beschikbare ruimte, bodembedekking en temperatuur. Het voorkomen van transport door slacht op het bedrijf geniet de voorkeur. Het slachthuis is optimaal ingesteld om stress te vermijden. Bedwelming is verplicht en geschiedt snel en pijnloos.