Als Caring Vets willen wij reageren op de argumentatie van Stefan Paas in het Twistgesprek (NRC, 13 april 2018) over het verbod op onbedwelmde slacht. 

Zijn argumentatie komt er op neer dat slechts een klein percentage van de dieren onverdoofd geslacht wordt, dat het onverdoofd slachten slechts een gering deel beslaat van het verder toch al ellendige leven van veel dieren en tenslotte dat verdoofd slachten ook niet probleemloos is.

Het percentage dieren dat ritueel geslacht wordt, lijkt inderdaad niet hoog. In absolute zin zijn de aantallen ritueel geslachte dieren echter schokkend (honderd duizenden dieren per jaar). We kunnen onze ogen toch niet sluiten voor het lot van al deze dieren vanwege het feit dat nog grotere aantallen dieren überhaupt worden geslacht?

Het tweede argument is uit vergelijkbaar hout gesneden. Dat onverdoofd slachten de bekroning is van een verder ellendig leven kan toch geen reden zijn om geen verbetering voor de betrokken dieren na te streven?

De geclaimde tijdsduur (“allerlaatste seconden”) van het ultieme lijden is onjuist. Runderen hebben bijvoorbeeld een extra slagader die aan de achterzijde van de kop naar de hersenen loopt. Deze wordt bij het doorsnijden van de hals niet geraakt en deze tak neemt de bloedvoorziening naar de hersenen op dat moment over, waardoor het dier geheel bij bewustzijn blijft. Het dier ervaart minutenlang (en dus niet enkele seconden) niet alleen de pijn van de snede, maar ook het langzame en erg pijnlijke verstikken. De zenuw (Nervus Vagus) wordt namelijk wel doorgesneden waardoor het adempatroon is verstoord en de maagsluiting niet goed functioneert. Hierdoor ademt het dier bloed en pensvloeistof in, wat erg pijnlijk is. Het probeert te loeien maar kan dit, door de doorgesneden stembanden niet. Het kan niet bewegen, alleen maar minutenlang wachten tot de dood eindelijk intreedt. Dierenartsen die vanuit hun functie als keuringsdierenarts bij de NVWA aanwezig zijn bij dit proces hebben grote moeite om deze lijdensweg keer op keer te moeten aanschouwen.

Het laatste argument – dat verdoofd slachten ook niet probleemloos is – betreft eveneens een drogreden. Het zou een argument moeten zijn om verdoofd slachten te verbeteren en niet om een nog slechtere praktijk in stand te houden.

De regels voor onverdoofd slachten komen uit een lang vervlogen tijdperk, waarin verdoving en keuring van vlees niet of nauwelijks bestonden. De regels waren mogelijk bedoeld om te voorkomen dat mensen zieke dieren zouden doden en opeten. Alleen wanneer je een alert en dus gezond dier doodde was de kans groot dat het vlees gegeten kon worden zonder gezondheidsrisico’s.

Inmiddels zijn we echter in een ander tijdperk beland, waarin we geen heksen meer verbranden, kinderen uithuwelijken of vrouwenbesnijdenis stimuleren. Gelukkig zijn er vele stromingen binnen de Islam die verdoving van het dier wel toestaan voor Halal vlees. Binnen het Joodse geloof zijn er ook steeds meer aanhangers die geloven dat Jahweh niet zou willen dat zijn schepselen moeten lijden om hem te plezieren. 

Het zou Stefan Paas daarom sieren zich écht te verdiepen in dit proces voordat hij het leed van deze honderduizenden dieren op een dergelijke manier bagatelliseert en naast zich neer legt op grond van vrije godsdienstuitoefening.